Documenten

Bekijk grafiek van relaties

Beschrijving

Centrale onderzoeksvraag/doel
Hoe kunnen we nuttige organismen die aanwezig zijn in het landbouw-ecosysteem maximaal stimuleren en inzetten in de landbouwbedrijfsvoering? De focus in dit onderzoek ligt vooral op natuurlijke plaagbeheersing. Dit empirisch onderzoek heeft tot doel om een meer ecologische landbouw te onderbouwen en te bevorderen. Het landbouw ecosysteem bevat diverse organismen die een nuttige rol kunnen spelen bij de gewasproductie. We spreken in dat geval van ecosysteemdiensten. Wilde bijen en hommels staan in voor de bestuiving, bodemorganismen zetten nutriënten vrij en natuurlijke vijanden zoals lieveheersbeestjes en loopkevers onderdrukken plaaginsecten.

Onderzoeksaanpak
Via literatuuronderzoek en via veldexperimenten zoeken we welke elementen in een habitat bevorderlijk zijn voor de nuttige organismen die we willen stimuleren. Een geschikt habitat voorziet onder meer in de primaire behoeften zoals voedsel voor alle levensstadia, de dekking en de geschikte plaats om te overwinteren. Met bijvoorbeeld de aanleg van (bloemenrijke) akkerranden trachten we daaraan tegemoet te komen. Het onderzoek gaat na in hoeverre het lukt om nuttige organismen aan te trekken en populaties op te bouwen. We controleren in welke mate de bedoelde ecosysteemdiensten daadwerkelijk ingevuld worden. Dat gebeurt met name door de natuurlijke plaagbeheersing te monitoren.

Relevantie/Valorisatie
De maatschappij is vragende partij voor een (meer) ecologische landbouw. Dit komt tot uiting onder meer via het Europese vergroeningsbeleid. Tegelijkertijd dienen landbouwbedrijven uiteraard ook economisch rendabel te zijn en te blijven. Een nuttige invulling van het vergroeningsbeleid, met zowel voordelen voor het leefmilieu als de landbouw is dus aangewezen. Dit kan door in te zetten op nuttige organismen en hun gerelateerde ecosysteemdiensten.
AcroniemWEB_BLOEMENRAND_FAB
StatusVoltooid
Effectieve start/einddatum30/04/0931/12/17

ID: 4153023