Bekijk grafiek van relaties

Beschrijving

Centrale onderzoeksvraag/doel

In de sierteeltsector krijgt het vrijwel exclusieve gebruik van veen als teeltsubstraat meer en meer kritische aandacht van de maatschappij, wegens niet duurzaam want, een fossieke grondstof. Voor de vollegrond-sierteelt komt daar nog bij dat men als koolstofbron en bodemverbeteraar met een enge basis zit; men gebruikt momenteel voornamelijk stalmest. Siertelers worden verplicht om ook qua gewasbescherming te veranderen: ze moeten IPM (integrated pest managment) gaan toepassen, zoals bv. door commercieel beschikbare micro-organismen te gebruiken. Dit 4-jarig project BI-O-PTIMAL-at-WORK werkt aan een geïntegreerd traject om siertelers kwalitatief hoogstaande producten te kunnen laten produceren, die milieuvriendelijker en residu-armer geteeld zijn. Het gaat dus over een transitie weg van veen en stalmest, en waarbij tegelijk beter gebruik wordt gemaakt van beschikbare gunstige micro-organismen. Belangrijk is dat er een intensieve open samenwerking doorheen de hele waardeketen wordt opgezet.  


 


Onderzoeksaanpak

De samenwerking waarvan sprake is een must omdat bodemverbeterende middelen en witveenvervangers echt op maat van een specifieke sierteelt moet worden gebracht, zowel qua product zelf als qua productinformatie. We bevragen de ervaringen van telers met micro-organismen (hun stilzwijgende kennis of tacit knowlegde) en wenden die informatie aan als feedback naar de producenten van nieuwe substraten. We zetten in op een totaalaanpak, waarbij zowel aspecten van substraatkwaliteit, bodemkwaliteit en nutriëntenefficiëntie, biocontrole en teeltaanpassing aan bod komen. Ten slotte bekijken we of beheerresten en composten de efficiëntie van commercieel beschikbare micro-organismen kunnen verhogen door als kolonisatie-omgeving te fungeren.


 


Relevantie/Valorisatie

Tijdens eerdere projecten hebben de betrokken onderzoekers al aangetoond dat compost en beheerresten goede witveenvervangers kunnen zijn voor de containerteelt en goede bodemverbeteraars voor vollegrondstoepassingen. Ook het potentieel van een specifieke microbiologie die plantversterkend werkt en ziekteweerbaarheid verhoogt, is al eerder verkend. De logische stap in dit project is dus om specifiek in de sierteelt een aantoonbare verduurzaming te bewerkstelligen door een optimaal werkende microbiologie van het teeltsubstraat of de bodem, waarin het veen is vervangen door lokale en duurzame compost en lokaal beschikbare beheerresten (vb.plagsel uit  heidegebieden). We verwachten dat dit leidt tot een lager gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en minder verliezen van nutriënten. Door proactief in te spelen op de steeds strenger wordende duurzaamheidsvereisten draagt het project bij tot een kwalitatief hoogstaand sierteeltproduct, dat sterk in de internationale markt staat. Kosten door ziekten, niet-effectieve behandelingen en normoverschrijdingen worden wellicht verminderd en dat genereert een economische meerwaarde. We plannen toelichtingen aan telers over onze geoptimaliseerde teelt- en bemestingsmethoden via het netwerk Bio-optimaal Telen, een innovatieve adviesdienst rond veenvervangers, biocontrole producten en geoptimaliseerde bemestingsadviezen. 


Financiering
Vlaamse Overheid - Agentschap Ondernemen

Externe partner(s)
KULeuven - Campus Geel
PCS - Proefcentrum voor de Sierteelt
AcroniemBI-O-PTIMAL@WORK
StatusIn uitvoering
Effectieve start/einddatum1/10/1830/09/22

ID: 6382392