Bekijk grafiek van relaties

Beschrijving

Centrale onderzoeksvraag/doel
Welke factoren kunnen de tussenkalftijd van dikbilkoeien gunstig beïnvloeden? Zijn die factoren te wijzigen via een aangepast management, o.a. door te kijken naar de vetten in het voeder? Bij dikbilkoeien is het kalf de belangrijkste bron van inkomsten. Wij stellen vast dat de tussenkalftijd nu soms oploopt tot meer dan 400 dagen. Wij mikken op een vermindering met 30 dagen. Tegelijk stellen we vast dat er, door de selectie naar gespierdheid in het Witblauw ras een wanverhouding ontstaat tussen de grootte van het kalf en de bekkenmaten van de koe. Dit resulteert in een groot aantal keizersneden. Kunnen we de kans op natuurlijke kalving (niet keizersnede) vergroten? ILVO wil via datacollectie van de bekkenmaten een nuttige bijdrage leveren aan de selectiefokkerij van het Witblauw dikbiltype.

Onderzoeksaanpak
We inventariseren de factoren die de tussenkalftijd bij Witblauwe dikbilkoeien bepalen, en bestuderen hun eventuele interacties: pariteit, lichaamsconditie van de koe, tijdstip van kalven, het geslacht van het kalfje, het al dan niet zogen, KI versus natuurlijke dekking, ... Via vetsupplementatie tijdens de laatste maanden van de dracht met volvette sojabonen gaan we na of de voeding een invloed uitoefent op de tussenkalftijd. Deze behandeling vergelijken we met 2 andere behandelingen zonder extra vet en zetmeel (positieve getuige) en met zetmeel. Vermits sojabonen extra eiwit aanbrengen, vergelijken we ook met een voederregime waar strikt volgens de eiwitbehoefte wordt gevoederd (negatieve getuige). In het onderzoek naar de keizersnedeproblematiek registreren we de bekkenmaten.

Relevantie/Valorisatie
Vaak worden tussenkalftijden van meer dan 400 dagen vastgesteld, daar waar men jaarlijks een kalving mag verwachten. De reductie van de tussenkalftijd met 30 dagen betekent dat de koe minder dient gevoederd te worden, wat een besparing van arbeid en voeder betekent. Ondanks de beperking van arbeid en voeder, mag men sneller een kalf verwachten. Deze parameters kunnen in sterke mate de rendabiliteit van de zoogkoeienhouderij bepalen.

Financiering
ILVO - Instituut voor Landbouw-, Visserij- en voedingsonderzoek

Externe partner(s)
Ugent - Fac. Diergeneeskunde
AcroniemZOOGSTRA
StatusIn uitvoering
Effectieve start/einddatum1/09/10 → …

ID: 4148789